Voldoet een product met een relatief hoog zoutgehalte aan de definitie diepvriezen?

Het antwoord:
Om uw vraag te kunnen beantwoorden hebben we gekeken naar de Warenwetregeling diepgevroren producten en met name naar de definities in Artikel 1:

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. Diepvriezen: het bevriezingsproces waardoor zo snel als nodig is de maximale kristallisatiezone wordt overschreden, met het gevolg dat na thermische stabilisatie de temperatuur overal in de waar zonder onderbreking gehandhaafd blijft op –18 °C of lager;

b. Diepgevroren levensmiddelen: diepgevroren eet- of drinkwaren, andere dan consumptie-ijs, die worden verhandeld op een wijze waaruit blijkt dat zij dat kenmerk bezitten;

c. Grondstoffen: grondstoffen, halffabricaten en ingrediënten bestemd voor de bereiding van eet- en drinkwaren;

d. Instellingen: restaurants, ziekenhuizen, kantines en andere soortgelijke instellingen.

Wanneer door een relatief hoog zoutgehalte het product geen kristallisatie krijgt, voldoet het niet aan de definitie diepvriezen. Wanneer het product niet wordt verhandeld als diepgevroren levensmiddel, zijn de eisen ook niet van toepassing.